Home » Mamablog » Mamablog: De eerste weken samen met mijn premature zoontje

Mamablog: De eerste weken samen met mijn premature zoontje

En opeens was ik ‘de mama van Akke’. Ik werd in het begin elke keer emotioneel wanneer ze mij zo noemden. ‘De mama van Akke wil graag naar haar zoon’. Ik hoorde het de vroedvrouw doorbellen naar de verpleegster op neonatologie. ‘De mama van Akke’ moest daar iemand voor laten bellen. Opnieuw die rode knop. Duwen en wachten. Wachten tot de lieve vroedvrouwen de mama van Akke met bed en al naar een andere afdeling reden. Naar haar Akke.

De eerste dagen op de Neonatale afdeling

Dan volgden 4 dagen die niet te beschrijven zijn. Het begin van een hele periode op automatische piloot. De borstvoeding die ik initieel niet wilde geven, kwam op gang omdat de vroedvrouwen het letterlijk uit mijn lijf persten. Natuurlijk ging ik die nu wel geven maar ik had écht alle hulp nodig. Het was het enige wat ik voor mijn zoon kon doen. Heel fier met die paar zuur ’verdiende’ druppels moedermelk naar de neonatologie en ze gaan afgeven aan de verpleging daar, zodat zij ze daar aan Akke konden geven. Niet ik… zij.

Verder 4 dagen van gemiste kiné-sessies. Van pijnstillers die niet op tijd en stond genomen werden omdat ik niet in m’n bed lag om ze te krijgen. Een psycholoog die vergeefs in een lege kamer stond. De sociale dienst die wel wilde helpen met de administratie maar me niet te pakken kreeg. Koud geworden kraamkost. Ik lag niet in mijn bed te recupereren van een spoedkeizersnede. Ik zat naast de couveuse van mijn prematuurtje. Te wachten tot iemand op mijn druk op de rode knop reageerde om hem op mij te komen leggen, om te komen vertellen hoe hij het ’s nachts had gedaan, om te zorgen dat ik mijn zoon kon leren kennen.

Alleen naar huis zonder ons kindje

De alarmen, de apparatuur, de ziekenhuisgeluiden, het steriele… het is moeilijk om het positief te benaderen. De eerste momenten met je kindje hadden wij ons niet zo voorgesteld. Maar al de goede zorgen die Akke, die wij, daar kregen stel je jezelf ook niet voor. Maar kregen we wel.

De dag naderde. Ik was opnieuw bang. Ik mocht naar huis. Ik moest naar huis. Ik herstelde van mijn keizersnede, de borstvoeding was op gang. Ik kon gaan. We gingen nog langs onze zoon op Neonatologie. We zeiden niet zoveel. De tranen rolden zonder woorden over mijn wangen. Mijn partner had er ook geen woorden voor. We gingen naar huis maar we waren niet compleet. We waren nog nooit zo ‘kapot’ geweest.

Mijn beste vriendin en mijn ouders zorgden voor een warm welkom. Ik kan niet vertellen hoe dankbaar ik ze daarvoor ben. Hoe graag ze het ook zouden gewild hebben, de leegte vul je niet op.

Naar huis gaan zonder kindje is gewoon verschrikkelijk. Maar thuiskomen in een huis waar je aan alles voelt dat de mensen rondom je je graag zien is erg veel waard. Kunnen we daar ooit genoeg dank u wel voor zeggen?

Mama Hanne

Elke dag op en af naar het universitair ziekenhuis

En dan begon de langste en de kortste maand van ons leven. Eerst elke dag op en af naar het universitair ziekenhuis. Nog geen week na mijn keizersnede haalde ik alle dagen mijn 10.000 stappen. Omdat het moest. Er was geen haar op mijn hoofd dat eraan dacht om een dagje over te slaan. Ik moest en ik zou. En ik was er.

Thuis moest er nog zoveel gebeuren maar mijn hoofd was alleen maar bij die kleine couveuse met daarin het meest waardevolle dat ik bezit. Mensen kookten voor ons, deden de was, stuurden kaartjes en bleven vragen hoe het met ons ging. Wat een ongelofelijk warm gevoel we daarvan kregen. Warmte die deze zwarte bladzijden heel wat minder hard maken. Of hoe een vers gemaakte lasagne, een grote lading macaroni of een doos met ‘welkom-Akke-koekjes’, het verschil kunnen maken.

Onze Akke deed het goed. Hij deed het supergoed. We liepen met hem een modeltraject. Het had niet mooier kunnen lopen. Na een week kwamen ze vertellen dat we de transfer naar een Jan Palfijn gingen maken. Op dat moment hadden we zo’n gemengde gevoelens. De veilige haven die het universitair ziekenhuis ondertussen was geworden, zouden we gaan inruilen voor iets dat we niet kenden. Ik belde met mijn vroedvrouw aan huis. Het is eigenlijk oneerlijk om haar nu pas een plaatsje in mijn verhaal toe te kennen. Voor mijn zwangerschap kon ik haar rol onmogelijk naar waarde schatten. Een antwoord op al mijn vragen, een nuchtere kijk, ongedwongen, eerlijke bezorgdheid en altijd oprecht. Ik was en ben steeds op mijn gemak bij haar. Ik denk dat ik Veerle ga missen wanneer we uiteindelijk aan dat laatste consult gaan zitten. Ik denk het niet, ik ben er heel zeker van.

Onze Akke deed het goed. Hij deed het supergoed. We liepen met hem een modeltraject. Het had niet mooier kunnen lopen..

Mama Hanne

De transfer naar een ander ziekenhuis

Ik belde Veerle en zoals altijd kon ze mij geruststellen. Ze moest zelf werken op de dag van de transfer. Alvast één bekend gezicht. Opnieuw met de ambulance. Vertrokken zoals we gekomen waren. Alles was heel anders in Jan Palfijn. We hadden geen eigen ‘kamertje’ meer, alles was klein, alles leek oud, … maar het ontvangst was hartelijk. Jade nam de tijd. Ze zag onze bezorgdheid, ook al spraken we die niet uit. We dachten dat de zorgen in het universitair ziekenhuis onmogelijk overtroffen konden worden. De vroedvrouwen ‘van de prematuren’  op Jan Palfijn beklommen de overtreffende trap.

De maand die daarop volgde was heel intens. De vroedvrouwen maakten het draaglijk. Alle mama’s met prematuurtjes worden op de afdeling ‘gewoon’ met mama aangesproken. Wanneer ze na een tijdje mijn voornaam begonnen te gebruiken had ik door dat we hier veel langer waren dan gemiddeld. Langer of meer… ik laat het in het midden. Op heel wat dagen zag ik hen meer dan mijn eigen vriend. Tijdens gans die periode zag ik hen meer dan al mijn vrienden die zo bezorgd om mij waren. En dat schept een band, zo voelt het toch.

De vroedvrouwen in Jan Palfijn horen en zien alles. Ze hebben de speciale gave om perfect aan te voelen wat voor dag je hebt. De juiste vraag op de juiste moment..

Ik kan niet zeggen dat het een leuke periode was. Uren naast een bedje, met of zonder kindje op je borst. Liters en liters moedermelk afkolven. Liters drinken en weer uitzweten want op de prematuur afdeling is het verdorie warm. Ik ben ondertussen de tel kwijt geraakt hoeveel andere vrouwen mijn borsten hebben gezien of zelfs hebben aangeraakt in de afgelopen periode. Het einde van de schaamte. Maar vooral het einde van de rode knop. Bij de vroedvrouwen van Jan Palfijn moest ik niet meer op een rode knop drukken en wachten. Ik kon het gewoon vragen. Banaal misschien… een wereld van verschil.

Van het eerste badje tot hem voor het eerst echte kleertjes aandoen

Het begin ook van heel wat nieuwe vaardigheden. Het herkennen van alarmpjes van de verschillende apparatuur rondom zijn bedje, je kindje op 1 hand dragen zonder dat je verstrikt geraakt in allerlei draden en darmpjes, het eerste badje (voor altijd zijn eerste badje door vroedvrouw Eliana, iets wat wij nooit gaan vergeten!), vliegensvlugge ninjabewegingen om te voorkomen dat je de 3e bent die die dag ondergeplast wordt door je zoon, afkolven zonder zelf helemaal vol melk te hangen, de eerste keer zijn eigen kleertjes aandoen (man, wat was dat geweldig), … eigenlijk stuk voor stuk kleine mijlpaaltjes, die je niet terugvindt op die standaard kaartjes die je wel eens krijgt als kraamcadeau.

Positief bekeken: met Akke hadden wij veel meer mijlpalen om voor te juichen. Om je gemoed in 1 opslag van bezorgd, bang of droef naar apetrots, uitgelaten en vol liefde te brengen.

Mama Hanne

Het was ook je kindje delen met 9 andere (vroed)vrouwen. Dat ook. Ik had hem met niemand anders willen delen, besef ik nu. Stuk voor stuk waren ze even blij met elke gram die hij bij kwam, ze maakten foto’s van hem voor in zijn heldenboekje, lieten er leuke boodschappen in achter,  ze kwamen fier vertellen hoeveel hij had gedronken toen we er niet waren. Iets waar we elke dag naar uitkeken. Als kleine kindjes heel trots complimentjes incasseren. Niet over ons, maar over onze zoon. Ik ga Akke vertellen over de vroedvrouwen van Jan Palfijn. Zij hebben hem mee doen groeien.

En wij dan op onze beurt ongelofelijk fier zijn op die paar gram die hij elke keer bijkwam. Traantjes wegpinken als ze vertellen dat hij van de couveuse naar een bedje mag. En alles de vrije loop laten gaan als de dag dan daar is. Vroedvrouw Katty greep mijn arm vast, nog voor ik bij Akke zijn bedje was. Het was zover. We gingen naar huis gaan. Ik heb zo hard gehuild. Ze kreeg zelf de tranen in haar ogen. De mama van Luca, de buurman van Akke, ook. We zouden naar huis gaan! Eindelijk. Ik heb mij in heel de afgelopen periode zo vaak ontzettend alleen gevoeld, maar nooit als ik op daar was. Daar stond iedereen dichter bij dan ik ooit ‘vreemden’ heb toegelaten.

Eindelijk naar huis met ons kindje

Positief bekeken: na een cursus van 35 dagen, gegeven door de vroedvrouwen van het universitair ziekenhuis en Jan Palfijn gingen we naar huis. Wat een ongelofelijke luxe om 35 dagen de tijd te krijgen om onder de beste begeleiding je kindje te leren kennen. Een dag voor mijn verjaardag trok ik hem een hele stoere, veel te grote jas aan. Alle vroedvrouwen op Jan Palfijn wisten het ondertussen en hadden er volgens mij alles mee aan gedaan om mijn zoon voor die dag mee naar huis te geven. Ik hoop dat ik er in die 35 dagen in geslaagd ben om te laten zien hoe dankbaar ik ben. Want positief bekeken, had het allemaal heel anders kunnen lopen. Het had allemaal veel erger kunnen zijn.

En nu zijn we thuis. We kregen weer veel hulp. Ook kraamhulp. Wat een fantastische job. Wat een fantastisch mens. Opnieuw ‘een vreemde’ op heel korte tijd heel dicht laten komen. Eefje maakte op 4 uur korte mette met de wanorde die we hier een maand aan een stuk hadden gecreëerd. Eefje had zelfs nog tijd om écht te luisteren.

Ze zag wat ik nodig had. Ik denk dat het een gave is van mensen die met mama’s moeten werken. Ik kan waarschijnlijk nooit echt vertellen hoe dankbaar ik daarvoor ben.

Mama Hanne

Veerle, de vroedvrouw heeft ons ook nog niet losgelaten. Ik kan het niet anders omschrijven dan dat ik nog elke week écht uitkijk naar haar bezoek. Om nog steeds heel fier van iemand anders te horen hoe goed mijn zoon het wel niet doet. Om van al die onzekerheden af te geraken en om nog geen afscheid te moeten nemen van de veiligheid die ze voor mij altijd bij heeft.

Alle vroedvrouwen krijgen van mij een standbeeld. Dat meen ik uit de grond van mijn hart. Allemaal.

Ik zeg niet dat het simpel was. Fucking zwaar, dat was het. Maar er zijn zoveel mensen die het op hun manier zoveel lichter hebben gemaakt, dat het tenminste dragelijk was! Dus ik bekijk het liever positief, daar word je zelf gelukkiger van.

Hoe gaat het nu 4 maanden later?

Ondertussen is Akke 4 maanden. Met ons gaat alles goed! We zijn nog thuis, want we hebben tenslotte wel wat in te halen! Zijn lachje is onbetaalbaar en het beste medicijn tegen de occasionele tranen die nog wel eens passeren. ‘T is allemaal waar wat ze zeggen. Mama worden maakt je week! Mama worden is het mooiste wat mij ooit is overkomen, en dat zeg ik vol overtuiging, ondanks alles!

Lees het eerste deel van Mama Hanne haar verhaal hier: ‘Bevallen van een prematuurtje’.

Hartelijk dank aan mama Hanne voor het delen van haar verhaal. Ook jouw verhaal delen op onze mamablog? Dat kan. Stuur een mailtje naar info@ondermamas.be en wie weet featuren we jouw ervaring op onze website.



Deel deze post